Dag 155/156/157/158 – 27 t.e.m 30 oktober 2016 – van Vetralla via Capranica, Monterosi, Campagnano di Roma naar Formello – 62 km

Met zeven zijn we, de gasten van de zusters Benedictijnen van Vetralla. Zes pelgrims en één gast die hier al drie maanden verblijft omdat ze alleen is en momenteel niet goed voor haar eigen kan zorgen (haar kinderen wonen ver). Ze ontbijt in haar kamerjas en heeft haar vaste plaats aan tafel. Een soort alternatief rusthuis is dit voor haar.

Of ze vannacht wakker is geworden van de donder en de bliksem en het geluid van de  maaimachine die omstreeks halfvijf buiten werkzaamheden aan het uitvoeren was, wil ik weten. Ik moet de vraag een paar keer herhalen voor ik antwoord krijg. ‘Neen, ik neem een slaappil en dan slaap ik de ganse nacht door’ zegt ze nog steeds slaperig.

De pelgrims zijn wél allemaal diverse keren wakker geworden. Het strafste verhaal is van Marjo want die lag, volgens hem, met zijn hoofd buiten waardoor hij, volgens hemzelf alweer, alles veel beter gehoord heeft. ‘Marjo, hoe kunt ge nu in een kloosterkamer met zo dikke muren met uw hoofd buiten slapen?’ corrigeert Aline. ‘Ja, toch met mijn hoofd heel dicht tegen de buitenmuur en nadat je het raam hebt geopend, leek het of ik buiten sliep, waardoor ik alles heel goed gehoord heb’ verduidelijkt hij. Enfin, de stilte die ik verwacht had binnen de kloostermuren is er vannacht alleszins niet geweest.


Strenge kloosterzusters zijn er evenmin. Integendeel, Suor Maria Benedictina uit Kongo, heeft zo’n hoog knuffelgehalte (wat ik spontaan een paar keer doe, de eerste keer weet ze niet goed hoe zich te houden, de volgende keren houdt ze me zelf heerlijk lang vast terwijl ze zegt ‘Wij zijn zusters, wij twee’) en stevige, ronde knijpwangetjes (waar ik zachtjes met de rug van mijn hand over streel want knijpen durf ik niet).


De allerschattigste zuster ooit neemt voor de kloosterkerk deze foto van ons viertjes en dan stappen we uit het klooster, de wijde wereld in voor een gezamenlijke driedaagse avontuur op de Via Francigena.


Kijk, vandaag vier kleine mensjes die gek doen voor de spiegel ipv twee!

Ik ben heel blij dat Aline en Marjo er zijn, echt waar. Speciaal afkomen om met ons mee te wandelen ondanks Marjo’s acute rugpijn: fantastisch! Vorig jaar waren ze trouwens ook afgekomen. Helaas hadden wij toen net onze reis afgebroken en hebben ze alleen rondgetoerd op wat ze dachten dat onze weg was – de Via Francigena – maar de weg van Sint Franciscus bleek.

Maar ik maak me toch wat zorgen.

Ik ken Aline nu al dik zes jaar en wij komen zeer goed overeen. Toffe, creatieve madam wiens mening ik erg respecteer. Een vrouw met een helder psychologisch inzicht en het vermogen om steeds naar het goede van een situatie te zoeken. André kent Marjo al meer dan 60 jaar. Een vriend die als een broer voor hem is. Een vriend waar je altijd op kunt rekenen. Een vriend zoals iedereen er eentje zou moeten hebben. Ik apprecieer hem ook enorm. Zijn enthousiasme en energie kunnen heel aanstekelijk zijn (heel soms heeft hij eerlijk gezegd wel de neiging tot overdrijven) en hij heeft een verdragende, redelijk autoritaire stem (die hem zeer van nut is in zijn succesvolle professionele bezigheden).

Waarover ik mij dan zorgen maak? Over mijn eigen reacties tijdens deze driedaagse.

Ik ben namelijk wat hooggevoelig én licht misofonisch (een afkeer voor geluid dat geproduceerd wordt door andere mensen zoals smakken, snuiven, klikken met iets scherps op de harde vloer, te luid praten. …. ). Wanneer ik erg moe ben (zoals nu) en snak naar het alleenzijn om tot rust te komen, kan elk bijkomend onaangenaam geluid of opgelegde druk mij de kast opjagen. André kent deze problematiek en probeert ermee te leven. Niet altijd makkelijk hoor. Momenteel stoort bijvoorbeeld het voortdurend luid klikken van zijn wandelstokken op beton mij enorm. Ik loop dan ver achter, iets buiten hoorafstand en dan is het voor mij te doen. Ik weet dat dit verschrikkelijk pietleuterig klinkt, maar voor mij zijn de tikjes telkens speldenprikken in mijn hoofd. Een realiteit waar ik mee moet leven.

Maar ik ga mij erover zetten! Mijn moeheid is dankzij de rustdag in Viterbo wat verminderd, toch ga ik goed op mijzelf moeten passen wil ik Rome halen.

En daar gaan we! Eerste dag richting Capranica. Als eerste biezondere attractie als kersverse pelgrims krijgen Aline en Marjo gratis en voor niets een heel hazelnotenbos voor de voeten geworpen.

We smullen samen van de niet verboden, gezonde noten…

… nemen foto’s  van elkaar o.a. daar waar in het hazelnotenbos de restanten staan van een abdij en een necropolis. 
Ik zie hoe zij genieten en voel mij kompleet ontspannen. Dit gaat goed!


Tijd voor ons dagelijks moment in de Dom van Capranica: aan ons Emmetjes denken (alsook aan de mensen die mij persoonlijk verzocht hebben om onderweg voor hen te bidden!), doen we ook samen met onze twee vrienden. Dit hoort erbij!


Capranica zelf vinden we alle vier niet spectaculair. Weerom een historisch centrum van Etruskische oorsprong, maar met weinig animo binnenin, beetje doods zelfs. Marjo is zo enthousiast over zijn eerste dag op de Via Francigena dat hij met plezier twee glazen zure wijn in de plaatselijke bar opdrinkt en heel enthousiast enkele, enfin ettelijke keren. vertelt hoe heerlijk hij het vindt om bij ons te zijn. Zijn rugpijn waardoor hij deze morgen met tranen in de ogen aan het ontbijt verscheen, heeft geen roet in het eten gestrooid.  Gelukkig!

Het zicht op het dorpje dat we achter ons laten, wordt naarmate de klim naar onze B&B Monticelli vordert, mooier en mooier.


Wel in de wolken zijn we van onze B&B Monticelli. Daar krijgen we een subliem diner klaargemaakt door de charmante eigenaar-architect-kok Paulo zelf. De bruschetta’s en de pasta waarin hij de hazelnoten – waarin we de ganse dag in gedwaald hebben – in verwerkt heeft, zijn lekker. Maar zijn ‘pollo allo buione’ is gewoonweg verrukkelijk. Ik troggel het recept af. Voor een gezellige avond thuis met Aline en Marjo, kijkend naar de nieuwe film over de Via Francigena en dit gerecht etend.


Francesco, de zoon van Paulo, gaat inmiddels in gevecht met de ‘mantide religiosa‘ (bidsprinkhaan) die in de klaarstaande koffers van Aline en Marjo wil kruipen. SloWays transporteert hun koffers van verblijfplaats naar verblijfplaats omdat Marjo absoluut verbod heeft gekregen van zijn osteopaat om iets op zijn rug te dragen. Een zeer goede oplossing.


Op naar Sutri vandaag! Marjo is terug op de been gekrikt. Alweer verscheen hij vanmorgen mankend aan het ontbijt. Ik dacht zeker dat hij zich samen met zijn koffers zou laten transporteren naar Monterosi. Maar neen, dapper gaat hij mee op weg.


Via een sprookjesachtig bos lopen we tot Sutri, een  plaatsje dat mij via diverse wegen als ‘zeker de tijd voor nemen’ bestempeld werd. Een heerlijke morgen! We genieten alle vier met volle teugen.


Aan de Torre San Paolo aangekomen, loopt er ineens van alles mis.

André is een beetje boos omdat we de wegwijzers naar onder gevolgd hebben, daar waar zijn gps naar boven wees. Blijkbaar heeft hij de uitleg van Paolo niet goed verstaan, maar die heeft gewoon gezegd dat we goed de wegwijzers moeten volgen. Aline wil naar het veld omdat volgens haar een ‘Parco‘ een park is en die ligt logischer wijze en per definitie in het groen.

Ik wil gewoon de wegwijzers volgen naar ‘Parco Regionale dell’Antichissima Città di Sutri’, en probeer André en Aline te overtuigen. Aline volgt mij uiteindelijk wantrouwig. André en Marjo lopen wat mokkend achter ons aan. ‘We gaan geen tijd verliezen aan bezichtigingen, we moeten nog 15 km doen’ stellen de twee dikke vrienden eensgezind. Ik word hier zo moe van!  Deze tocht moest mij tot rust brengen, niet opjagen. Deze tocht wou ik alleen doen om mijn eigen weg te kunnen volgen en tot mijzelf te komen. Ik begin van binnen geïrriteerd te raken. ‘Niet doen’ berisp ik mijzelf ‘gewoon laten gebeuren. Je bent nu eenmaal niet alleen, net zomin als in het echte leven.’

Na een snelle lunch, besluiten we te splitsen.

De jongens gaan gewoon de weg volgen.

De meisjes gaan naar de Mitreo, de kerk van ‘Santa Maria del Parto’ (OLV van de bevalling).

Deze in 300 voor Christus in turfsteen uitgehouwen plaats, was oorspronkelijk een begraafplaats van de Etrusken, daarna een Heidense aanbiddingsplaats voor hun Zonnegod Mitra en later een Christelijke Kerk die de hele ruimte met fresco’s liet beschilderen.  Wat een apart gevoel gaf dat zeg!

Heel speciaal is de fresco met de pelgrims die beschermd worden tegen de boogschutter door een stier die de pijl terug naar de boogschutter zelf kaatst.


Ik voelde mij er als in een zachte cocon gedompeld. In dit kleine oord waar het begin van iets aanbeden werd, zowel door heidenen (de opkomst van de zon) als door christenen (de bevalling). Het deed mij iets.


Iets verderop staat het Romeins Amfitheater. Die is volledig uit een rotsblok van turf uitgehouwen tussen de 1e eeuw voor en de 1e eeuw na Christus.


Bij aankomst in Monterosi raken Aline en ik in de ban van de grote trossen dikke kiwi’s in een tuin. Carlo, de eigenaar, interpreteert onze blikken als ‘wij willen een kiwi’ en komt uitleggen dat de kiwi’s er wel groot uitzien, maar nog niet zoet zijn. ‘ Het moet eerst heel koud worden, dan pas worden kiwi’s zoet’ verontschuldigt hij zich ‘maar ik wil wel eentje voor jullie plukken dan kunnen jullie dat zelf vaststellen.’ Wat een lieverd!  Het kerkje achter Carlo was vroeger hun familiekerkje, nu is het een opslagplaats. ‘Hier tegenover is mijn ouderlijk huis, al van 1868.’  Zo gaat hij nog een hele tijd verder. We maken ons er uiteindelijk los van en net wanneer we verder het dorp in willen gaan, zien we in de verte …


… ‘tiens, zijn dat onze mannen’. Dat kan toch niet. ‘De bus genomen’ begroeten ze ons. ‘Helemaal niet’ ‘Dan hebben jullie de kortere weg genomen’. ‘We hebben gewoon de pijltjes gevolgd’ zeggen we gewoon naar waarheid.


In de bar, waar we een lekker fris pintje gaan drinken, kunnen de jongens hun pret niet op. Ze hebben 15 km lang lekker onder elkaar kunnen tretteren. Geen vrouw die hen vroeg om te stoppen met 20 keer hetzelfde te zeggen. Zij doen dat al zo van kindsbeen af en vinden het zoooo leuk.


Aline en ik denken er het onze van, zijn heel blij met ons eigen tocht van de dag en vinden het  geweldig dat onze mannen zich goed geamuseerd hebben. ‘Het zijn echt twee dezelfde’ smoezelen we tegen elkaar ‘daarom dat ze zo dikke vrienden blijven.’


We moeten op zoek naar onze verblijfplaats hier in Monterosi. Ik zet de gps van mijn smartphone aan. Aline en ik volgen de lus die de gps beschrijft: eerst naar beneden, dan naar omhoog en dan naar links afslaan. We zijn halverwege wanneer we merken dat onze mannen niet willen volgen. Neen, ze blijven voor de bar staan. Oei, de gps slaat eerst tilt, wijst dan terug naar boven, naar waar onze mannen gewoon de straat oversteken. Aline en ik lachen ons een breuk, laten ons eerst gedwee door Marjo en André leiden, verder naar boven, dat blijkt helemaal verkeerd, vragen dan aan een bloemenwinkelierster eerst naar de naam van de bloemen die daar staan (wij hebben die in het wild gezien) en dan naar de straat waar we moeten zijn, dat blijkt terug naar beneden te zijn en doen dan wat mannen doen in zulke situatie: hardnekkig de gps blijven volgen en sneller lopen zonder om te kijken.  De mannen volgen ons uiteindelijk hoofdschuddend, samenzweerderig. Zie bewijs op de selfie hierboven. Nu zitten we weldegelijk op de juiste weg.


Een heel gelijkvloers appartement voor ons viertjes hebben we ter beschikking. Marjo mag de kamer kiezen want hij heeft een hard bed nodig voor zijn zere rug. Hij en Aline kiezen resoluut voor de kamer met twee aparte bedjes. Wij vragen nog uitdrukkelijk of het bed goed is. ‘Ja, ja, nemen jullie maar de kamer met de tweepersoonsbed’ stellen ze uitdrukkelijk.

‘s Nachts kan Marjo niet slapen in het veel te zachte bed. Begint rond te lopen, legt zich op de bank in de living. André wordt wakker ‘Zijn er inbrekers?’ is zijn grote bezorgdheid en kan niet meer terug in slaap vallen. Aline en ik hebben niets gehoord, hebben goed doorgeslapen en zijn kakelfris ‘s morgens. Onze mannen niet. Marjo heeft weer ontzettend pijn, André is erg moe.

Een mooie zonnige dag kondigt zich aan in Monterosi. Het XVIe eeuws kerkje van San Giuseppe pronkt op het pleintje omgeven door de blauw lucht, de groene bomen en het mooie roze ochtendgloren. 
Vandaag een echt Italiaans ontbijt in een bar. De volledige pelgrimsexperience krijgen Aline en Marjo op drie dagen.


En dan trekken we richting Campagnano di Roma. Een korte tocht van 15 km. Onze mannen hebben het moeilijk vandaag, maar stappen heel dapper mee.

Kleine kringwolkjes sieren de hemel. Het heeft iets speciaals.

Aan de ingang van het Parco Valle  del Trejo staat een affiche met de volgende tekst. ‘Verdwenen Vrouwelijk Zwijn van lichte kleur met donkere vlekken, wegende 250 kilo, luisterend naar de naam Luli. Zij is via de omheining ontsnapt tussen 10 en 17 septenber. Wij smeken diegenen die haar vindt ons te contacteren vermits het om gaat een bij het ASL van Regnano Flaminio onder fiscaal nummer 058RM100 geregistreerd dier, die nog niet voorzien is van een oorring. Dit dier is niet bestemd voor de beenhouwer omdat het huiselijk is opgevoed als een hond. Wij smeken diegene die haar vindt ons te contacteren op nr…  Een beloning is voorzien, natuurlijk enkel indien het nog leeft.’ Verder in het park hangt de affiche nog meerdere keren. Wij vinden de tekst gewoonweg hilarisch. Lezen het meermaals met groeiende verbazing.


‘Liggen de watervallen van de Monte Gelato op onze weg?’ willen Aline en ik weten uit nieuwsgierigheid. ‘Ik wil niet afwijken van de weg’ stelt Marjo ‘mijn rug doet pijn’. Wouden wij helemaal niet afwijken, gewoon weten of we er effectief langskomen of niet. Ik reageer wet heftig, André vindt dat niet lief van mij. 

Dan wil ik even aan deze Agriturismo – die een klein beetje van de weg ligt – gaan kijken of we iets kunnen drinken.


Ze volgen, Marjo en André, maar zijn er niet gelukkig mee. Ik begrijp het. Ze zijn beiden moe enworstelen  met pijnen, de ene met zijn rug, de andere met zijn hiel,  die zich opnieuw laat voelen wanneer we een bepaald aantal km  per dag overschrijden.

We trekken dan maar gewoon verder door de Monte Gelato, eigenlijk klimmen, want het is redelijk steil.


Kijk hoe Aline zich volledig in de pelgrimswereld heeft ingewerkt! De pijl wijst rechts naar Rome, maar de Via Francigena naar links en ze gaat naar links. In enkele dagen tijd heeft ze de zoektocht naar logica’s opgegeven en geeft zich over aan de wil van de pelgrimsweg.

Kijk hoe onze twee vrienden gelaten de leidensweg van een pelgrim ondergaan: na een lange tocht, de steile klim naar het dorp afleggen op zoek naar eten en drank. Dit hoort er bij!

Kijk hoe ze in vervoering zijn van de plaatselijke bezienswaardigheden, zoals echte pelgrims: gelukkig zijn met wat op je weg komt. 

En kijk, hier in de ‘discount van het varken’ is het gezocht vrouwelijk zwijn waarschijnlijk te koop, in stukjes en in worstjes, helaas niet levend. 

In hotel Benigny gaan we op zoek naar een hard bed voor Marjo. Gelukkig vinden we die en door de rust gepaard met de schoenbindkunst van vrouwtje Aline, kan Marjo na een paar uurtjes rust, terug mee op pad. 

Castagano di Roma! We zijn alle vier blij verrast door dit aangenaam dorpje. We hadden eigenlijk vanaf hier gewoon lelijke voorsteden verwacht.  

We toasten op onze laatste avond samen op de pelgrimsroute met een Aperol Spritz, een toast op onze vriendschap. Marjo is weerom heel enthousiast en vertelt ettelijke keren hoe blij hij is en hoe veel hij ervan geniet. Daarna gaan we eten, ik word steeds moeër en Marjo vertelt opnieuw en opnieuw hoe geweldig hij alles vindt. En ik ben enerzijds zo gelukkig en blij dat hij het zo leuk heeft gehad, maar ik zou echt willen dat hij nu stopt met dat te zeggen. En dan bestelt hij pasta vongole die blijkbaar waanzinnig lekker zijn, om je vingers van af te likken, wat hij luidruchtig doet bijgestaan door Aline. Al mijn stoppen slaan door. Ik wil rust, ik wil stilte om mij heen. Gelukkig wil iedereen vroeg gaan slapen en kan ik mijzelf in de hand houden. 

‘s Morgens, het is zondag 30 april, zitten André en ik iets na halfacht aan het ontbijt. Ineens begint alles te bewegen onder ons. De schuim van de cappuccino op onze tafel wipt mee. Een aardbeving! Ik duizel en ben nog niet helemaal bekomen wanneer Aline en Marjo binnen komen. Marjo begint heel luid te praten en uit te leggen en ik kan niet meer. Vraag of hij aub wat stiller kan zijn, zeker nu. Hij is ontdaan. Ik voel mij er niet goed bij en leg hem mijn probleem uit: hooggevoelig en misofonisch. Ze begrijpen mij, Aline en Marjo. We praten het uit en ik ben opgelucht alhoewel boos op mijzelf dat ik mij niet heb kunnen inhouden.

Na het ontbijt zet de hotelbaas de TV terug op die ik afgezet had toen ik als eerste de ontbijtzaal binnenkwam. Met verbazing kijken Aline en ik naar wat er gebeurd is o.a. in Nurcia. Belangrijke kathedraal is  ingestort. Er worden nog schokken verwacht. 

We nemen ontroerd afscheid van elkaar. Marjo en ik, wij zijn closer geworden ondanks of misschien dankzij onze kleine botsingen. Aline en ik, wij begrijpen elkaar nog beter. André en Marjo, die blijven de dikke vrienden die ze al sinds jaar en dag zijn.

André en ik zijn vandaag tot Formello gestapt, slechts 9 km. Zoals afgesproken hebben we grotendeels apart gelopen. Rust en wat alleen zijn, dat had ik broodnodig. En ik heb het gekregen. Zalig! Geen discussie erover gehad. Gewoon blij geweest toen we elkaar in Formello terugzagen. Samen lunchen we gezellig en ontspannen  in een pittoresk zaakje met de aria’s van La Traviata van Verdi op de achtergrond. Wij groeien, iedere dag een beetje meer.


In het Santuario van Maria del Sorbo heb ik een heel diepgaand gesprek met padre Umberto gehad. Direct to the point. Ik moest mij niet schamen voor mijn tranen zei hij mij. Goede raad heb ik gekregen. Steeds klaarder zie ik in mijzelf. Wat er gezegd is, blijft tussen hem en mij.

Vanuit de toren van de Palazzo Chigi hebben we tijdens de valavond een prachtig zicht tot in Rome, 32 km verder.

Nog twee dagen en we zijn er! Alhoewel, mijn Zia Maria van Milaan heeft gebeld en ze zou het liefst hebben dat we onmiddellijk terug naar huis gaan of ten minste eventjes bij haar in Milaan gaan schuilen. ‘È troppo perocoloso’ (te gevaarlijk) jammerde ze aan de telefoon.

Duimen jullie voor ons? Zowel dat de terremoto ons niet verzwelgt, als dat ik mijzelf voldoende in de hand gehouden krijg om minzaam met André (wiens hielen nu toch parten beginnen te spelen) tot in Rome te geraken, waar hopelijk Aline en Marjo (ondanks mijn beetje moeilijk gedrag) zoals afgesproken samen met mijn dochter Charlotte, op ons staan te wachten aan de obelisk, tussen de twee identieke fonteinen op het Sint-Pietersplein.

Liefs,

Concetta

 

Mijn locatie .

14 reacties op “Dag 155/156/157/158 – 27 t.e.m 30 oktober 2016 – van Vetralla via Capranica, Monterosi, Campagnano di Roma naar Formello – 62 km

  1. Hallo Concetta en André , geniet morgen van jullie intrede in Rome. Spijtig genoeg hoor ik juist dat de paus op trot is, dus die zullen jullie moeten missen. Laat het niet aan jullie hart komen en genieten maar.

  2. Hallo jullie 2,
    “Niets is gelijk het lijkt” zegt Maurice altijd. Of “Alle wegen leiden naar Rome!”.
    Zal ook wel, maar er zijn blijkbaar steeds diverse opties.
    Met schudden en beven nadert het einddoel. De schrik zit er misschien ook wel wat in want jullie zullen het zeker wel gevoeld hebben ! En er worden nog naschokken verwacht. Wees dus op je hoede. We duimen dat alles goed blijft gaan ! Van het ene avontuur duikelen jullie het andere in ! Onvergetelijk en louterend jullie camino !
    Onmetelijk en divers zijn jullie einders en ontmoetingen.
    Wij gingen een paar jaar geleden een bergtocht doen in Italiaans Tirol. In de
    B&B waar we logeerden verbleef ook een 80 jarige duitser. Hij kwam iedere zomer 2 maanden daar logeren . Had zijn vaste kamer en vaste tafel. Zo nu en dan kwam een kleinkind hem bezoeken. De vrouw des huizes deed ook zijn was.
    God weet wat wij nog uitspoken als we oud zijn en hulpbehoevend. We hopen dat dat nog even uitblijft.
    Hier is het heel aangenaam herfstweer : 15 tot 17 graden. Dus wandelen geblazen, en dat doen we ook. Allerheiligen ook : de graven liggen er schitterend bij onder al die bloemenpracht (zonder regen, wind of vorst).
    Rustig aan niet te snel, je komt er wel ! Nog even en ‘t is zo ver !
    Alvast een dikke Proficiat ! Dat laatste sprongetje is geen hindernis meer !
    Toi, toi en tot later !
    M&M

  3. Beste Allebei, Als ik je je laatste versalgen lees denk ik soms aan het commentar op vers uit het West-Vlaamse Scheppingsverhaal “tètiedauutè”. Sans rancune, natuurlijk maar jllie kunnen er niet omheen: zo’n uitdaging, zo’n ‘alleenzijn’ soms, intens ook meestal, einde van een zware tocht met de opwinding en de verwachtingen die eindelijk ingelost worden. Jullie zijnn niet alleen met twee maar met de rfest van de wereled. Voor mij is het een boeiend levensecht verslag van een mooi intense relatie. En… naatuurlijk wanneer je dan de internationale Marjo ontmoet dan is er niet zoveel meeer eigen inbreng. Zeker wanneer het de a

    • Oeps en weg was het…. zeker niet wanneer jullie… de échte, authentieke, sympathieke, Marjo Lapidaire, schitterende oud-leerling, goede vriend van de familie (Nonkel Herman – Tante Els) genetisch geladen spraakwaterval sinds de geboorte, ontmoeten. Daarom is het eerlijk-heerlijk verslag van Conceta zo boeiend, zo bevrijdend ook… met foto’s die als helder bronwater zorgen voor afkoeling. Ach, jullie verdienen het om langs de Via Appia door bazuiinegeschal en gladiatoren in Rome binnengehaald te worden. Een zitttend mens kan akkeen mlaa

      • Wij zorgen voor het bazuingeschal morgen, op het Sint Piertersplein.

  4. Leuk jouw verslag te lezen na onze avonturen op de Francigena de laatste dagen. Ik moet je nogmaals bedanken voor je hulp om het kluwen van het openbaar vervoer te ontwarren. Dankzij jou zijn we moeiteloos tot in het centrum van Rome geraakt, waar we lazen dat de metro gesloten is wegens de aardbeving. Daarna hebben we de kluwen zelf ontwart en zijn we goed in onze B&B aangekomen en daarna het antieke Rome te voet bezocht. Voor Marjo was het wat veel, dus ik ga er dan maar alleen op uit vandaag. Geniet nog van de laatste mooie momenten onderweg en tot morgen…een dikke kus voor jullie beiden.

  5. Concetta, André

    heel tevreden van jullie iets te horen. Ondanks de berichten van de aardbevingen blijkt het toch nog ergens goed te zijn in Italië. Het einde is in zicht en hopelijk houdt André zijn hiel het uit.

    Groeten,
    françois

    • Dag François, Het is hier goed. Prachtige zon, 24 grC , tout court :zomer. Met de hiel is alles ok dus geen pijn. Gewoon door dagelijks ijs erop te leggen. Maar 20km lopen per dag is de maximum. Als ik meer doe zijn de oude hieldemonen terug daar. Vb een paar dagen geleden moesten wij 22km stappen. En dan wilden de dames tussenin nog een begeleid bezoek doen, dan bedankt ik hiervoor. Je moet je limieten respecteren. Tot binnenkort groetjes

  6. Hallo allebei,

    Ik was heel blij toen ik deze morgen terug een reisverslag vond in de mailbox. 4 dagen zonder nieuws, terwijl er in jullie buurt ernstige aardbevingen zijn. . .
    Gelukkig zijn jullie gezond en wel.
    Geniet zeker nog volop in alle rust van deze laatste dagen van jullie tocht. Het einddoel is in zicht.
    Groetjes

    Magda en Jan

    • Dag Magda en Jan,
      Bedankt voor de reactie! Hier is alles fijn . Alles rustig en het weer is gewoon prachtig. Morgen is onze laatste dag onderweg. Nog een 20km en wij staan op het Sint Pietersplein. Zal anders aandoen nietmeer stappen :-)

Reacties zijn gesloten.