Dag 121 – 23 september 2016 – van Passo del Monte di Cisa tot Pontremoli – 25 km

Ik sleep mijn 104 kilo wegende 87 jaar oude vader van één plaats ergens anders naar toe. Ik kan hem niet goed houden en hij zegt ‘leg maar een tapijt onder mijn voeten en dan vliegen we tot daar’.  En ja, het lukt. Net als Aladin en Jasmine, maar dan als vader en dochter. vliegen we samen heel gelukkig naar zijn nieuwe bestemming. Zijn relaxzetel, zijn kleren en andere spulletjes, vliegen gewoon achter ons aan, mooi op een rij. 

Of we goed aangekomen zijn en niets verloren zijn onderweg, weet ik niet … want ik werd wakker. 

Wij, zussen en broers, hebben gisteren zitten mailen over de verhuis van papa van het rusthuis waar hij nu in kortverblijf is, naar zijn definitief verblijf in het rusthuis dichter bij zijn thuis. Vandaar kan hij gemakkelijk met zijn e-scooter naar zijn tuin om zijn fruit- en notenbomen te gaan bekijken en naar mama haar graf om haar bloemetjes te brengen. 

Ik wens mijn zus en broers een even gezwinde verhuis als die in mijn droom en dank hen dat ze dat op zich nemen terwijl ik hier vrolijk op de Apennijnen kan rondhuppelen. 

Dat ik in mijn dromen de gebeurtenissen van de dag zelf begin te verwerken, lijkt mij een goede zaak. Een teken dat ik niet langer bezig ben met dingen uit het verleden, maar in het hier en nu leef. En dat maakt me blij.  

De mist van gisteren is helemaal weg. Uit onze kamervenster zien we de bergen om ons heen gehuld in het morgenlicht.  


Nog even de wandelschoenen aantrekken … 

… en we verlaten in de schemerdonker de provincie Parma in de regio Emiglia- Romagna. 


Voorbij de Passo Cisa zijn we in Toscane, regio Lunigiana, provincie Massa-Carrara. 


Deze jongen stak ons daarnet voorbij, hoedje op zijn hoofd, peukje in de hand en we maakten even kennis terwijl ik terugliep naar de Ostello om mijn zonnebril te halen. Nu drink hij zijn koffietje en we maken nog een korte babbel. Hij is Fransman, heet Florion, is vertrokken in Aosta, gaat op de Francigena tot Rome en trekt daarna verder naar Messina op Sicilië om vrijwilligerswerk te gaan doen. ‘Wauw’ zeg ik ‘En wanneer moet je beginnen werken?’ ‘Dat maakt niet uit. Gewoon wanneer ik aankom en daar heb ik geen enkel idee van. Ook geen idee hoeveel kilometers ik moet stappen.’ ‘Maar zeg Mag ik eens iets vragen. hmm’ zijn stem wordt zachter en timider, zijn blik schuchterder ‘ben je een klein, Zwitsers meisje hier in de omgeving tegengekomen?’ ‘Neen, hoe heet ze?’ ‘Weet ik niet’ antwoordt hij met diepe spijt in zijn stem. Hij ontroert mij, deze verliefde jongen, zonder haast, maar met idealen. 

Ik wil voor de tweede keer afscheid nemen, maar hij zegt dat hij ons wel terug in zal halen en dan wel zal afscheid nemen.  Jeugdige overmoed die in dit geval wel terecht is. 

Vandaag stappen op de Route 62! Van de drie mogelijke wegen om de Apenijnen af te dalen, kiezen we de SS62 (Strada Stadale) die gestaag daalt en rustig genoeg is 

Heel stoer en heel vlot worden wij pelgrims – behalve door Florion – op de 25 km die we op deze baan doen ingehaald door slechts een 30-tal auto’s, 3 motors (éénmaal heen, éénmaal terug), één enkele mobilhomes en 3 dalende fietsers. Slechts twee fietsers gaan zwoegend naar omhoog. Iedereen zwaait vriendelijk naar ons. 


En dan halen ook wij iemand in: de Japanse Keiko, die deze morgen voor ons vertrokken is. Ze zingt met haar engelenstem die ik gisterenavond en vanmorgen al in de badkamer langs ons hoorde. ‘Ik ben gewoon een eenvoudige, goede huisvrouw’ was haar simpele antwoord op één van de klassieke vragen waarmee mensen elkaar proberen te leren kennen. Vanmorgen aan het ontbijt vertelde ze dat haar enige zoon van 28 jaar, werk gevonden heeft in Genève. Hij is een wetenschapper die gaat werken aan de deeltjesversneller bij de CERN. Zelf woont ze vier maanden in Tokio, vier maanden in New York en vier maanden gaat ze op reis. Zo eenvoudig lijkt ze niet. 


Na vijf uur stappen – met enkel een korte pauze voor een koffie die  ze ons  niet konden schenken in het enige dorp met een bar dat we voorbij kwamen omdat de electriciteit tijdelijk afgesloten was en we het moesten stellen met een groentesap – zijn we blij om de eerste huizen te zien in Mignegno, een gehucht van Pontremoli. 

Het is één uur, we hebben honger en we stappen gewoon de eerste trattoria  binnen die we tegenkomen. Ineens worden alle ogen op ons gericht en moeten we tientallen vragen beantwoorden. 


We krijgen een lekkere pranzo voorgeschoteld, zelfgemaakt door de mama met 1 liter wijn (waar we maar een beetje van drinken), 1 liter water en twee koffies met gebak voor slechts 18 euro voor ons beiden en voelen ons bijna helden in een verhaal terwijl wij al hun vragen beantwoorden. ‘Helemaal te voet uit België? Al zoveel gezien van Italië, daar zijn we zelf nog nooit geweest zijn!’ Zoveel bewondering van deze mensen, zowel de gasten als de uitbaters,…


… die nog groter wordt wanneer Keiko voorbij komt en zich bij ons aan tafel zet. ‘Uit Japan?! Om hier op onze Francigena te komen wandelen ?!’ En dan voelen wij ons een beetje als striphelden met een Japans vriendinnetje. 


Vanavond verblijven we in een Capucijnen klooster van waaruit we een prachtig zicht over Pontremoli hebben. 

Pontremoli is de poort tot Toscane en heeft veel oorlogsgeweld meegemaakt. Nu is het een karaktervolle levendige gemeente met zowel middeleeuwse als barokke gebouwen, leuke pleintjes en charmante winkeltjes. 



En wij zelf? Wij zijn zo blij én fier dat we de Apennijnen over zijn, reeds 205 kilometer gestapt hebben in deze tweede helft van onze reis, 1.705 in het totaal en vanavond op een terrasje met zicht op la Torrente Margiola deze episode gezond en wel kunnen afsluiten, klaar om morgen de overige 550 kilometers die ons van Rome scheiden aan te vatten. 


Deze schattige Piaggio’s, typisch Italiaanse autootjes, wil André persé door mij verwerkt zien in het verhaal van de dag. Vermits ik de link niet gevonden heb, krijgen jullie ze gewoon als uitsmijter. Want schattig, dat zijn ze!! En ik mag mij toch gelukkig prijzen dat hij naast passie voor zijn  Italiaanse vriendin, ook Italiaanse auto’s adoreert, niet?

Liefs,

Concetta 


PS: nu begint André echt te overdrijven, want ook deze foto van zijn schrijvende Italiaanse vriendin moet erin. Want ook die vindt hij schattig :-)

Mijn locatie .

11 reacties op “Dag 121 – 23 september 2016 – van Passo del Monte di Cisa tot Pontremoli – 25 km

  1. Hello,

    Mooie verhalen, overgoten met mooie foto’s zou Jeroen Meus zeggen in dagelijkse kost. Er is wel een groot verschil. Wat jullie nu meemaken is alles behalve dagelijkse kost. Via jullie blog kunnen wij meegenieten van jullie ervaringen. Het zijn de onverwachte zaken die jullie alvast niet vergeten.
    Door al die wandelingen zullen we bij de Senioren wandelingen onze kuiten goed mogen insmeren.

    Groetjes

    Jean

  2. Ik kan het alleen maar herhalen: jullie tocht is een unieke droomreis, in vergelijking met vorig jaar. Doe er desnoods twee jaar over, wan thet weinigen gegund om op dergelijke manier elkaar en de wereld te ondekken. André, verliefd op zo’n autootje? Hier hadden ze ook een plaats in het verkeer. Vooral boeren gebruikten die om naar de koeienweide te sputterren (4 takt) en te melken. Groeten aan het Toscaanse Aards Paradijs!

    • Dag Concetta, dag André, hier in Korbeek-Dijle volg ik (en JJ) je verslag opnieuw elke dag.. Concetta, je dagelijkse blog, ‘t is zo goed geschreven, er zitten zoveel lagen in, dank om dit te delen! Toen ik je dagelijkse verslag terug zag verschijnen, was dat een aha-erlebnis hier: Concetta en André, ze zijn er weer! Ze zijn terug op weg! Weer elke dag een warm, authentiek verhaal! Blij om de laatste dagen niets over DE hiel te lezen. Lijkt onder controle? Hartelijke groet vanuit een zalig nazomers België (wij fietsten vandaag de Hagenlandse Heuvelroute en voelden ons ook helemaal met vakantie, in ons eigen landje) Hartelijke groet, Ann

      • Hiel is gelukkig onder controle. André vraagt mij dikwijls ‘Awel, weet ge hoeveel pijn ik nu aan mijn hiel heb? 0,00000!’
        Bedankt voor je reactie – doet altijd deugd – en groetjes aan JJ

  3. Hoi Concetta, als je eenmaal terug bent in Belgenland en je mist dan de Piaggio’s, begeef je gewoon naar Lubbeek. Met wat geluk zie je mijn broer daar dan rondtuffen. Die heeft zo een blauw exemplaar en met nog wat extra geluk zit er een fiere greyhound langs hem als die op bezoek is

  4. Weer genoten van je verhalen ….. smorgens als ik opsta is dit het eerste wat ik doe, .uitkijken naar je nieuw verhaal, zoals je al eerder had vermeld was er eergisteren inderdaad geen verhaal waarbij ik er nu 2 kon lezen ;)
    bedankt en op naar morgen!
    groetjes en een dikke knuffel xxx

  5. Schattig hoe een Leuvense oermens alles wat Italiaans is heeft omarmt. Zijn liefde is niet te stoppen.
    Zoveel heerlijke ontmoetingen in zoveel eenvoud geeft mij telkens een mooi warm verhaal. Een verhaal dat ik dankzij jou helemaal voor niets mag lezen.

Reacties zijn gesloten.