Dag 118 – 20 september 2016 – van Sivizzano naar Cassio – 13 km

‘Hier zou ik mijn Epicuriaans refugiehuis kunnen oprichten’ roep ik tegen mijzelf wanneer ik bij het ontwaken in het Benedictijns klooster de besloten achtertuin instap. Gisteren was er zoveel te beleven op de koer vooraan (andere pelgrims die aankwamen en die hun verhaal begonnen te vertellen, luisteren naar de wijze raad van Erica mbt de te volgende trajecten, samen eten,…) en had ik geen aandacht voor dit heel eenvoudig tuintje. Echt een tuintje om in te filosoferen of in te mediteren. Ingesloten  genoeg opdat je de wereldse chaos en dagelijkse beslommeringen buiten kunt sluiten terwijl je onder de schaduw van de oude, energierijke boom ruimte genoeg hebt om je tot de essentie in jezelf te keren. Mijn zoektocht naar een Epicuriaanse refugiehuis waar ik – conform de filosofie van Epicurus – met gelijkgestemden wou intrekken om te genieten door samen te eten en te filosoferen terwijl voor de rest ieder zijn of haar eigen plaats in de woning zou hebben, is gerijpt toen ik na mijn scheiding jarenlang alleen ben geweest.Epicuriaans  genieten is niet eten tot je pompaf geraakt, maar net genoeg tot je nemen waardoor je een intenser leven kan leiden. Epicurus zelf sprak van een feestmaal wanneer hij ipv enkel brood er ook een stukje kaas en enkele olijven bij at. Maar zo ver zou ik niet gaan. De ontmoeting met André heeft mij inmiddels andere prioriteiten doen stellen, maar mijn Epicuriaanse droom ben ik nog niet vergeten. 


Naast ingesloten en sereen, geeft het binnentuintje toegang tot de wijdsheid van de hemel en het heelal. Vanmorgen heeft de zon haar plaats nog niet ingenomen en kan ik genieten van de afnemende maan. 

In de keuken hebben Marleen en Dirk iets gebakken als ontbijt. Geen idee wat, maar het ruikt heerlijk. Zij fietsen sedert 1 september de Francigena af, van bij hun thuis in Lede tot in Rome. André, die sowieso altijd opgetogen is wanneer hij andere Vlamingen tegenkomt, is nu helemaal in de wolken. Marleen blijkt de zus te zijn van één van onze achterburen in Leuven en woont daarenboven, samen met haar man Dirk, in de straat waar diverse bekenden van KBC wonen. 

De Italiaan Gianpiero, uit de omgeving van Robbio, en de Spaanse Isabella hebben koffie met de Bialetta gezet. Ook dat ruikt lekker. Dit koppel heeft elkaar tijdens een Camino naar Santiago de Compostella leren kennen. Zij woont in Spanje in een dorp tegen de grens van de Portugese Estremadura en is daar cipier met een werkschema van 8 dagen per maand doorlopend 24 uur. ‘Heel hard werken, maar daardoor kan ik regelmatig naar Jempie (Gianpiero) vliegen. En hij komt ook regelmatig af want hij kan niet meer werken sedert het dramatisch overlijden van zijn vrouw acht jaar geleden. Zo behouden we ieder ons eigen leven en zijn we zielsgelukkig telkens we elkaar weerzien’ vertelt ze mij switchend tussen het Spaans en het Duits. ‘Wanneer ik in Italië ben, wil ik mijn Italiaans oefenen, maar Jempie praat zoveel dat ik er niets tussenkrijg. Ik moet naar mijn woorden zoeken en hij geeft mij de tijd niet om ze te vinden’ zegt ze knipogend naar hem.  Jempie spreekt Spaans, Franst en Engels, wat enorm is voor een Italiaan. Hij heeft lang als vrijwilliger gewerkt in een Ostello in Trastevere (Rome) en is blijkbaar verknocht aan de Via Francigena – die hij al een tiental keren gelopen heeft – en aan de Camino naar Santiago die hij ook al ettelijke keren gelopen heeft, telkens vanuit een andere startplaats. Deze man is duidelijk iets aan het verwerken. De dramatische dood van zijn vrouw waarschijnlijk. Terwijl Isabella en ik gisteren nog alleen lagen in de grote oratorium, heeft ze mij nog van alles verteld vanuit haar bed, vier bedden verwijderd van de mijne. En dat schept een band alhoewel ik niet alles begrepen heb omdat ze Spaans sprak – wat ik maar een beetje versta – omdat ze te moe was om nog Duits te spreken. Wanneer wij hartelijk afscheid van hen nemen, zegt Isabella dat we elkaar zeker terug zullen zien. Dat zou fijn zijn want ze gaf mij een goed gevoel. 

Erica zei gisteren toen ze mijn naam hoorde ‘Dan ben je Siciliaanse!’ en dat klopt. Concetta is een echt typische Siciliaanse naam. Hoe graag had ik in mijn jeugd ‘Marita Maes’ of ‘Rita Feyen’ of ‘Linda Vanhove’ geheten! Gewoon een Belgische naam zoals mijn schoolvriendinnen hadden. Telkens ik mijn naam moest zeggen op school, moest ik hem minstens drie keer herhalen. Zo is trouwens onze hele klas eens door de mand gevallen dankzij mijn naam. We kregen een nieuwe, jonge, blonde leraar wat in een school met enkel tienermeisjes een gebeurtenis was. Die gingen we eens beetnemen! De eerste keer dat hij in onze klas moest komen lesgeven, veranderden wij de naamplaatjes en stelden ons voor met de naam van het meisje waar we mee op de bank zaten ipv met ons eigen naam. Dat lukte goed totdat hij aan de bank van Marita, mijn beste vriendin, en mij kwam. Hij wist dat ik Italiaanse was – ik was toen het eerste allochtoons meisje op onze school – en toen ik zei dat ik ‘Marita Maes’ heette, was het uit met de grap. Zelfs mijn poging om te zeggen dat je mijn achternaam eigenlijk ‘Maës’, op z’n Italiaans moest uitspreken, hielp niet. ‘En uw vriendin heet ‘Concetta Pergola’ zeker schertste hij mee en moest toen zo blozen dat zelfs zijn blonde haren er rozig uitzagen. Hij was amper 22 jaar:-)

Even terugkomen op Erica. Ze kwam mij gisterenavond in het portaal tussen de badkamer voor pelgrims en de sacristie alleen tegen en er moest iets van haar hart. ‘Weet je wat mijn grootste schrik is?  Dat ik wanneer ze een nieuwe pastoor aanstellen uit het appartement hierboven weg moet. Ik woon hier zo graag in Sivizzano. We zijn maar met 32 inwoners maar ik zou dit voor geen enkele grotere dorp of stad willen opgeven. En het contact met de pelgrims is voor mij zo voldoeninggevend. Ik zou het niet willen missen. Ik ben hierdoor al bekend tot in Korea, Rio de Janeiro, zelfs tot in de Filippijnen’  glundert ze ‘En weet je wat mijn antwoord zal zijn’ gaat ze verder ‘No, no e no!  Want ten eerste betaal ik huur en ten tweede draait hier alles rond mij, zowel de Ostello als de kerk hou ik mooi proper, goed geadministreerd én ik doe het volledig op vrijwillige basis.’ Ik geef haar dik gelijk, een dikke knuffel en zeg haar ‘ Dat zullen ze niet doen. Je doet dit zo goed.’

Met deze vijf mensen extra in ons hart verlaten we het Benedictijnse klooster en gaan ontbijten in de bar. 


Door het getraliede raam van de bar zien we Marleen en Dirk op het plein stoppen om nog even wat juist op de fiets te trekken. We wuiven nogmaals. Hen gaan we zeker in België zien hetzij als zij op bezoek komen bij haar broer hetzij in Lede indien wij de Ronde van Vlaanderen life willen meemaken. 


Ik krijg heel veel complimenten van Italianen over mijn Italiaans, doch bij deze twee mannen die de vuilnis ophalen en aan de bar stoppen voor een koffie, ga ik de mist in. Ik vraag of zij ‘spazzolini’ zijn voor Sivizzano alleen of voor de hele streek. Ze kijken raar en antwoorden lachend ‘Neen we zijn geen ‘tandenborstels’ maar ‘spazzini’ voor Terenzo. Dit is de enige bar in de streek waar we onze ochtendkoffie kunnen drinken en daar rijden we graag voor om’. 

Dochtertjelief meldt dat met haar alles goed gaat en stuurt via WhatsApp een ochtendfoto van haar en Gilles.  Zo lief!  Het doet altijd goed iets van de kinderen te horen. Net zoals wij immens deugd hebben aan alle reacties van jullie lezers, hetzij via Facebook, hetzij via de blog zelf. Het geeft ons extra energie en moed. Dank daarvoor!

En dan beginnen we aan onze tocht van de dag. Het zwaarste stuk van de beklimming van de Monte di Cisa zowel volgens Erica als volgens onze gids. 

Even buiten de dorpskern moeten we de Torrente Sponzana oversteken. Gelukkig is de kreek droog en kunnen we dat doen zonder natte voeten te krijgen. 


Op de andere oever komen we voorbij een bric-à-brac tuintje zoals die van mijn vader in Houthalen. Net als mijn vader is Nino, de eigenaar, er heel fier op. Bij hen gaat het over het plezier van gewassen te telen en kippen en konijnen te kweken, niet om hoe het tuintje erbij ligt. 


Nino laat ons zijn twee broedende kippen zien (‘Helemaal buiten seizoen’ vertelt hij ‘maar eerst is er eentje begonnen om ik weet niet welke reden en dan is een tweede kieken haar na beginnen doen.’) en zijn pasgeboren konijntjes. 

Vrolijk en een beetje gek doend … 

… stappen we door het mooie landschap … 


… onder een hemel met prachtige wolkencreaties… 


… op paden van beton…


… op boswegen… 


… op paden bezaaid met stenen , steil naar omhoog… 

 

… door diverse bewoonde kernen zonder café maar soms met kabouters… 

…. klimmen zo’n 600 meter in hoogte, maar minstens 1000 effectief omdat het pad diverse pieken en dalen kent… 


… en komen aan in de Ostello Via Francigena in Cassio waar we verwonderd zijn dat we een hele verdieping voor ons eigen hebben. 


De muren in de gang zijn versierd met kleren die uitbater Andrea op zijn talloze reizen heeft gedragen. In onze kamer vinden we een  opgemaakt bed met daarop een grote beer, op de sofa een mooie sierpop, aan de muur Audrey Hepburn en op het nachttafeltje echte plastic bloemen. 

Het pad vandaag was gevarieerd, de temperatuur ideaal, het doel haalbaar voor ons beiden, net uitdagend genoeg om ons een verzadigd gevoel te geven en net lang genoeg om de inmiddels beroemde hiel niet teveel te belasten. Zo willen we ons verdere leven samen slijten. 


En nu is de zon gaan slapen en zo dadelijk wij ook. Even profiteren van onze privé-kamer:-)

Liefs 

Concetta

Mijn locatie .

6 reacties op “Dag 118 – 20 september 2016 – van Sivizzano naar Cassio – 13 km

      • Lieve Concetta, dappere andrfé, Wat een verschil met julie verslag van vorig jaar! Epicurus zou er jaloers op zijn. Ik vrees dat jhij ergens uit een Griekse wolk neerdaalt en op een bankje zi in de volgende mooie tuin en zegt dat het goed is dat jullie lekaar gevonden hebbven. Nu hebben jullie tenmisnte tijd om te genieten, wat vorige jaar, gestremd door haast en angst om dat verdomde Rome te bereiken, op den duur onmogelijk was. Pracchtig geïllustreerd en het oeiende is dat jullie dit jaar “mensen” ontmoetten. Geeft een nieuwe dimensie aan de verhalen.
        Jullie krijgen toch weer ‘Het Kruiske’ van Guide Gezelle voor het slapen gaan.

  1. Lieve, lieve Concetta ….als dat de plaats van je refugiehuis wordt, kom ik je heel vaak bezoeken om in alle rust en stilte tot mezelf te komen. Zonder overvliegende vliegtuigen, optrekkende wagens , te snel rijdende vrachtwagens….. Gewoon in stilte onder de boom , maar in de warme geborgenheid van het binnentuintje, mezelf tegekomen. Open geest en open mind en niet bang hoeven te zijn met dank aan de warmte van de geborgen”verborgen” tuin.
    We zullen dan wel goeie afspraken moeten maken want we zullen ook veel bij te praten hebben. X

Reacties zijn gesloten.