Dag 114 – 16 september 2016 – van Fidenza naar Costamezzana – 12 km

De was is ‘s morgens helemaal droog!  Een hele prestatie in dit kleine, in groen-rood-wit beschilderde bij mijn schoenen passende, beetje kitscherige kamertje met airco. André en ik hebben heerlijk geslapen, niemand heeft een aanslag gepleegd op mijn leven, zelfs niet in mijn dromen, en we zijn klaar voor het ontbijt. Voordat we de ontbijthoek bereiken, passeren we de televisiekamer. Gisteren toen wij aankwamen zat de minstens 75-jarige eigenaresse in koninklijke houding in één van deze statige stoelen.  Een heel goed geconserveerde dame die ons al zingend cappuccino’s serveert en trots over haar hotel vertelt. Die werd gebouwd in 1902, overleefde een bombardement tijdens de tweede wereldoorlog -waarbij gelukkig enkel de ramen sneuvelden – en werd door haar in deze schitterende staat gebracht. ‘Alle kamertjes hebben een andere kleurenpalet en ik heb alle traditionele materialen geweerd, geen oudbollig hout voor mij’ vertelt ze terwijl ze goedkeurend haar interieur bekijkt met haar uitbundig, doch zorgvuldig gemaquieerde ogen. Het gebouw is even goed gesoigneerd als zijzelf, wel een ietsie-pietsie erover misschien. 

Heel content is ze over de huidige voorzitter van de Via Francigena die ervoor zorgt dat er steeds meer pelgrims naar Rome trekken. ‘Het is pas de laatste vijf jaar dat dit echt leeft en hier in Fidenza moeten wij commercanten het daarvan hebben.’ Ze behandelt ons zeer goed én uiterst vriendelijk     We mogen zelfs dingen van het naar Italiaanse normen uitgebreid ontbijtbuffet meenemen voor onderweg. Ikzelf loop, ontdaan van alle opsmuk, echt herleidt tot de essentie – behoudens de valse pareltjes in mijn oren en de rode Chanel-lipstick op mijn lippen – achter André aan, die de Francigena-tekens zoekt. We gaan de Piazza Garibaldi op, waar het gemeentehuis een strategisch centrale plaats heeft. We lachen met onszelf terwijl wij de Dom passeren wanneer we terugdenken aan onze korte ‘opsluiting’ gisteren. André heeft mij trouwens vanochtend aangenaam verrast met een digitaal gemaakte pentekening. 

Ik kom hier net uit de San Donnino-crypte in de Dom (die heilige met het hoofd in zijn handen). Fidenza is een gemeente van ongeveer 24.000 inwoners. ‘Niet veel te zien hier’ vertelt een inwoner ons ‘de Dom en het Theater, dat is het zowat.’ Wij zien een aangename niet-toeristische grote gemeente waar het ons heerlijk lijkt om in te leven. Brede lanen, mooie huizen en appartementsgebouwen, gezellige terrassen en aangename mensen die elkaar blijkbaar allemaal kennen.Ook de Francigena zelf lijkt in het begin een brede laan met al die mooie bomen aan beide zijden. Het landschap waarin wij stappen, is veranderd van plat naar zacht heuvelachtig. We hebben nu definitief de Po-vlakte verlaten die zoals onze goede vriend Herman Vanclooster in een reactie schrijft ‘een laffe rivier is, erop uit om het zelfs de meest godvruchtige pelgrim lastig te maken.’

De tocht van de dag is heerlijk.Lekker koel dankzij de prachtige wolken die ons voor de zon beschermen. Lekker luchtig omdat de enige actualiteit die we bespreken terwijl we voorbij de kerk van Thomas Becket – aartsbisschop van Canterburry, vermoord door de mannen van de koning omdat hij de belangen van de kerk verdedigde in de 12e eeuw – de uitspraak van Paul Magnette is.  ‘Wij Walen zouden ook zo een bank als KBC moeten hebben’ heeft hij gezegd.  Wij fiere ex-KBC’ers vinden dat een terechte uitspraak en voelen ons hierdoor erg gewaardeerd. Lekker koel door de verfrissende regen die enkele kilometers voordat we de Ostello del Commune in Costamezzana besluit de droge velden te besproeien. In Costamezzana, een klein, geïsoleerd dorp, worden de pelgrims volgens onze LightFoot Guide warm onthaald.  

Het is lunchtijd en de mevrouw die het onthaal doet, is er niet. Geen enkel probleem voor ons. Wij hebben honger en gaan lunchen in ‘Lo Scoiattolo’ de enige trattoria. ‘Wat willen jullie eten?’ vraagt de ober die ons inderdaad een heel warm onthaal en een heel goed gevoel geeft. We gaan voor de verse ravioli met een salade. Hij prompt de sla uit zijn tuin halen en komt die met kluit en al aan ons laten zien voordat hij die in de keuken brengt waar zijn broer baas is over de kookpotten. Hijzelf is een gediplomeerd sommelier en komt mij ergens vaag bekend voor. Terwijl we wachten zien we aan de muur naast een sommelier-diploma op naam van Oliviero Rocco, onze ober, een Latijnse oorkonde die wij niet kunnen lezen maar die duidelijk iets met de orde van de Tempeliers te maken heeft. Het hangt langs een foto met een 30-tal tempeliers die getrokken is aan de Abdij van Chiaravalle.  En dan blijkt dat Oliviero ook aanwezig was in de mis die wij eergisteren bijwoonden in Chiaravalle. André laat hem de foto’s zien die hij toen nam. En hier staat hij dan,  één van de dertig Italiaanse tempeliers, op de foto met André.

Oliviero vertelt open en eerlijk over zijn Tempelierschap ‘mijn doel is om via het gebed en spiritualiteit tot bij God te raken, zoals jullie pelgrims tot Rome willen raken. De oorkonde aan de muur heb ik gekregen als bewijs van mijn aanvaarding door de orde. De laatste proef was 24 uur al biddend alleen in een kerk doorbrengen.’

‘Neen we zijn geen monikken’ antwoordt hij op één van onze vele vragen, want dit boeit ons enorm ‘Vroeger wel, toen waren ze monnik/krijger en werden ze ingezet om pelgrims op hun weg te beschermen. Nu leven wij deels in dienst van de kerk maar zijn gewoon burgers. Zo dragen we bvb. op St-Bernardus op zijn naamdag 20 augustus van Fiorenzuola-d’Arda naar de abdij van Chiaravalle op onze schouders.’En zo komen we aan deze mooie stempel mét het Tempeliersteken in ons pelgrimsboekje!De onthaaldame is er inmiddels. Heel streng en gedecideerd vraagt ze onze identiteitskaart, ons pelgrimsboekje én 13 euro per persoon. Daarna gaat ze met ons en twee andere net aangekomen pelgrims, mee naar de Ostello om alles uit te leggen. Er zijn veel regeltjes!  Boos wordt ze wanneer ze vaststelt dat iemand die al ingecheckt is, zijn was zomaar in de wasbak heeft laten liggen. Ze stopt alles in een vuilbak en zet die met een forse klap voor zijn deur. ‘Dit doet zich niet’ stelt ze. ‘Weten ze niet dat er andere pelgrims zijn die ook van de wasfaciliteiten moeten gebruik maken!’ Dan betrapt haar mannelijke collega – die blijkbaar in de Ostello woont – André in zijn onderbroek in de gang op weg naar de badkamer. ‘Dit doet zich niet’ foetert hij ‘ Er  zijn hier ook dames hoor!’  André is er niet goed gezind van. Ik krijg tegen mijn voeten omdat ik de badkamerdeur heb laten openstaan

We besluiten deemoedig aan de goede man te vragen welke regels wij nog moeten respecteren zodat we ons niet bezondigen. Dat doet hij. Ik luister zo goed en vriendelijk mogelijk met als gevolg dat hij mij de hele miserie van zijn bestaan als conciërge vertelt en besluit met de woorden, heel vertrouwelijk ‘Weet je, ik ben blij wanneer het koud begint te worden. Dan komen er geen pelgrims meer.’

En zo denken wij nu dat in onze gids de passage over dat vriendelijk onthaal in Costamezzana  ironisch bedoeld is. 

Mijn ouders zouden, mocht mijn mama nog leven, gisteren 60-jaar getrouwd zijn.  ‘Het was ons niet gegund’ blijkt mijn papa aan mijn broer gezegd te hebben. 

Zo zagen ze eruit op hun trouwdag. Ze hebben er vier maanden over gedaan  om mij te concipiëren want ik ben geboren op 13 oktober van het jaar daarop. Bedankt lieve ouders, bedankt voor het leven!

Liefs, 

Concetta 




Mijn locatie .

4 reacties op “Dag 114 – 16 september 2016 – van Fidenza naar Costamezzana – 12 km

  1. Hello,

    Weer wat bijgeleerd dank zij jullie blog.
    Mijn vrouw begint zich zorgen te maken waarom ik de laatste tijd zoveel op mijn tablet aan het tokkelen ben.

    En Andre , wat men thuis niet doet ,doet men ook niet elders. Was de afstand naar de badkamer Groot? Ikzelf zou die bewaard hebben als souvenir van een Belgische Pelgrim. Ik zou ze natuurlijk eerst laten tekenen door de wettige eigenaar.

    Worden jullie gesponsord door C & A, omdat jullie blog altijd begint met C &À.

    Mooie huwelijksfoto van uw ouders Concetta.

    Groetjes en nog fijne belevingen onderweg.

  2. Blij dat alles goed gaat met jullie. Wij verblijven in het zuiden van Spanje maar ik lees alle dagen trouw jullie blog. Leuk!!!
    Doe zo voort en jullie komen er wel.
    Lieve groet,
    Odette

    • Hier ben ik. Jullie hebben blijkbaar iedeaal weer. Kijk: eerste bedenking bij de foto van je ouders die dit jaar 60 jaar zouden getrouwd zijn. Wij ‘trouwden’ in Lommel, hoewel ik in Oostende geboren ben. En dan die Ridders schijnen mij maar enge mannen te zijn: een soort religieuze rotary of kiwaniclubje maar dan met vele onvriendelijke antiregeltjes voor jongens en meisjes . Toch weer een ervaring! Ik volg jullie ‘op de voet van André’. Denk eraan.

Reacties zijn gesloten.